De vijf bewaarregels
Wijn bewaren zoals de maker het bedoeld heeft.
Smaak is persoonlijk; de omstandigheden waarin wijn rijpt zijn dat niet. Een goede wijnkoeler beschermt de kwaliteit van iedere fles.
- 01
Een constante temperatuur
Voor langdurige opslag wordt vaak circa 12 °C aangehouden. Belangrijker nog is stabiliteit: grote schommelingen kunnen de kurk laten werken en versnellen ongewenste veroudering. Wijn die binnen afzienbare tijd wordt gedronken kan op serveertemperatuur worden bewaard.
- 02
Zo min mogelijk trillingen
Trillingen verstoren de rustige ontwikkeling van wijn. Houten legplanken helpen kleine vibraties van compressor en ventilator te dempen en ondersteunen de fles over een groter oppervlak.
- 03
Bescherming tegen uv-licht
Uv-licht kan smaak en aroma aantasten. Daarom zijn glazen deuren voorzien van uv-filtering. Voor zeer lange opslag blijft een dichte deur de meest beschermende oplossing.
- 04
Geen vreemde geuren
Een afgesloten bewaaromgeving en een actief koolstoffilter helpen ongewenste geuren buiten te houden. Vervang het filter volgens het onderhoudsadvies van het model.
- 05
De juiste luchtvochtigheid
Een te droge omgeving kan natuurlijke kurk laten uitdrogen; te veel vocht kan etiketten beschadigen. Voor opslag wordt doorgaans een relatieve luchtvochtigheid tussen 50 en 75% aangehouden.
Advies voor dealers